Persoonlijke hulpmiddelen
  •  
U bent hier: Home Gezinnen Berekening van de heffing op de waterverontreiniging voor gezinnen
Document Acties

Berekening van de heffing op de waterverontreiniging voor gezinnen

Bij de berekening van de heffing op de waterverontreiniging wordt een onderscheid gemaakt tussen grootverbruikers en kleinverbruikers. Watergebruikers die minder dan 500 m leidingwater per jaar gebruiken en/of beschikken over een eigen waterwinning met pompcapaciteit kleiner dan 5 m per uur, zijn kleinverbruikers. Gezinnen vallen onder deze categorie.

Gezinnen die alleen leidingwater gebruiken dat afkomstig is van een openbare waterdistributiemaatschappij, betalen geen heffing aan de Vlaamse Milieumaatschappij. De openbare waterdistributiemaatschappijen staan zelf in voor de zuivering van dat water. Ze rekenen die kost door aan de verbruiker via de bovengemeentelijke saneringsbijdrage. De heffing op de waterverontreiniging zit dus nu indirect in de prijs van het leidingwater. Informatie over de drinkwaterprijs in Vlaanderen vindt u op de website van de VMM. Voor informatie over de bovengemeentelijke bijdrage en/of het aanvragen van een vrijstelling van de bijdrage, kunt u contact opnemen met uw drinkwatermaatschappij. U vindt de contactgegevens van uw drinkwatermaatschappij terug op de website Samenwerking Vlaams Water, de koepelorganisatie van de waterbedrijven in Vlaanderen.

De VMM vestigt wel een heffing op het waterverbruik uit een eigen waterwinning. Gezinnen zonder aansluiting bij een drinkwatermaatschappij en gemengde waterwinners (leidingwater en een eigen waterwinning) krijgen een heffingsbiljet op basis van een forfaitaire berekening.

De berekening van de heffing voor kleinverbruikers

De heffing op de waterverontreiniging wordt berekend door het aantal vervuilingseenheden (VE) te vermenigvuldigen met het eenheidstarief. De formule voor de berekening van de heffing is:

H = N x T

Waarbij:

Hoe?

U gebruikt alleen leidingwater

De heffing voor leidingwatergebruikers is vanaf heffingsjaar 2006 vervangen door een bovengemeentelijke saneringsbijdrage. Die wordt aangerekend door de drinkwatermaatschappij. Enkel voor leidingwaterverbruikers van de gemeente Baarle-Hertog die aangesloten zijn bij de drinkwatermaatschappij Brabant Water, wordt er nog een heffing aangerekend.

De heffingsplichtige is de persoon aan wie de drinkwatermaatschappij het waterverbruik factureert. Hij/zij moet de heffing dus betalen.

Voor particulieren en rechtspersonen (nv, vzw, bvba...) gebeurt de bepaling van N (het aantal vervuilingseenheden) als volgt:

N = 0,025 x Qw

Met Qw = de in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar gefactureerde kubieke meter waterverbruik. Als de facturen geen m water vermelden, wordt het aantal tariefeenheden inclusief de gratis geleverde tariefeenheden, gedeeld door 2,37.

De heffing wordt berekend op basis van het leidingwaterverbruik dat de drinkwatermaatschappij in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar factureert. Dit betekent dus bijvoorbeeld dat het leidingwaterverbruik vermeld op de facturen die iemand van de drinkwatermaatschappij in 2008 kreeg, in rekening worden gebracht voor de heffing 2009. Ook de hoeveelheid water die gratis geleverd werd door de drinkwatermaatschappij, wordt in rekening gebracht.
Als uw waterverbruik niet op basis van een watermeter werd gemeten, werd het berekend door het aantal tariefeenheden, inclusief gratis geleverde tariefeenheden, te delen door 2,37. Dit kwam alleen voor bij AWW-abonnees.

U gebruikt alleen een eigen waterwinning

Voor particulieren die alleen gebruik maken van een eigen waterwinning wordt 30 m per persoon die gedomicilieerd was op 1 januari van het heffingsjaar op de plaats van het waterverbruik, in rekening gebracht.

N = 0,025 x Qp

Met Qp = 30 m x aantal personen dat op 1 januari van het heffingsjaar deel uitmaakt van eenzelfde gezin of gemeenschap.

Voor rechtspersonen wordt de heffing berekend op basis van 500 m.

N = 0,025 x Qp

Met Qp = 500 m voor rechtspersonen.

U gebruikt leidingwater en eigen waterwinning (gemengde waterverbruiker)

De heffing voor het deel leidingwater werd vervangen door de bovengemeentelijke saneringsbijdrage aangerekend door de drinkwatermaatschappij (zie hierboven). De term Qw in de formules hieronder is dus sinds het heffingsjaar 2006 gelijk aan nul. De leidingwaterverbruikers van de gemeente Baarle-Hertog die zijn aangesloten bij de watermaatschappij Brabant Water, vormen hierop een uitzondering.

Voor particulieren die gebruik maken van leidingwater en een eigen waterwinning wordt de heffing berekend op basis van het gefactureerde leidingwaterverbruik. Dat wordt vermeerderd met een verbruik van 10 m per persoon die op 1 januari van het heffingsjaar gedomicilieerd was op de plaats van het waterverbruik.

N = 0,025 x (Qw + Qg)

Met:

  • Qw = de in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar gefactureerde kubieke meters waterverbruik. Indien op de facturen geen m water worden vermeld, wordt het aantal tariefeenheden inclusief de gratis geleverde tariefeenheden, gedeeld door 2,37
  • Qg = 10 m x aantal personen dat op 1 januari van het heffingsjaar deel uitmaakt van eenzelfde gezin of gemeenschap

Voor rechtspersonen wordt de heffing berekend op basis van het leidingwaterverbruik vermeerderd met 500 m.

N = 0,025 x (Qw + Qg)

Met:

  • Qw = de in het jaar voorafgaand aan het heffingsjaar gefactureerde kubieke meter waterverbruik. Wanneer de facturen geen m water vermelden, wordt het aantal tariefeenheden inclusief de gratis geleverde tariefeenheden, gedeeld door 2,37
  • Qg = 500 m

Logo Groene webhosting Logo Vlaamse Overheid